Uit de praktijk reïncarnatietherapie van Marianne Notschaele © Uitgeverij RHA Reïncarnatietherapie

Jeugdherinneringen aan Noord-Amerikaanse Indianen

 

 

    

        

 

 

 

JEUGDHERINNERINGEN AAN NOORD-AMERIKAANSE INDIANEN

 

2005: Een artikel over de roman 'Zon in het Haar' van de Nederlandse schrijfster Inge Nicole Bak trekt mijn aandacht en maakt me nieuwsgierig. Ik lees dat de vrouwelijke hoofdpersoon in haar roman heen en weer geslingerd wordt tussen heden en verleden, tussen westerse en Navajo-cultuur. Beschreven ervaringen kunnen waanvoorstellingen zijn of misschien wel fragmenten uit vorige levens. Aan de lezer de keuze.

Het lijkt me een interessante roman om te lezen omdat ik in mijn vergaarbak aan vorige levens nog ergens een Indianenleven heb zitten. Daarom mail ik de auteur met de vraag of ze ‘Zon in het Haar’ misschien wil ruilen tegen mijn boek 'Boodschappenmeisje', want in mijn roman wordt een vrouwelijke hoofdpersoon heen en weer geslingerd tussen toekomstvisioenen en vorige levenservaringen. Aan de lezer ook de keuze: symbolisch of echt gebeurd? Een grappige overeenkomst.

Inge vindt ‘t een goed plan, maar heeft geen exemplaren meer over. We spreken af onze eerstvolgende boeken te ruilen.

2008: De tijd vliegt sneller voorbij dan we denken. Eindelijk ruil ik mijn verhalenbundel 'Waarom Esther geen Robinson werd' tegen haar nieuwste roman 'Het Wachthuis' vanaf dat moment mailen we regelmatig. Vriendschap, gestart via (Indiaanse?) ruilhandel… je moet er maar opkomen …J

 

          ç   è            

 

 

Omdat Inge Bak geen exemplaren meer over had, kocht ik de roman ‘Zon in het Haar’ gewoon in de boekwinkel. Ik genoot van het verhaal en was tegelijkertijd blij verrast door de vele jeugdherinneringen die de beschreven Navajocultuur bij me opriep:

 

-          Als kleuter vertelde ik mijn ouders gedecideerd ‘dat ik vroeger een Indiaan was’.

-          Ik wilde alleen buiten spelen met een buurjongetje als we ‘in de wigwam mochten koken’(een felgekleurde speelgoed-indianentent). Er is een foto van gemaakt: ik zit stralend voor de wigwam, als Indiaan verkleed met afhangende verentooi op mijn hoofd en ‘oorlogsstrepen’ op mijn wangen. Ik wilde dolgraag op de foto, met mijn wigwam, ‘zo’n tent waarmee mijn volk rondtrok.’

-          De single ‘Wounded Knee’ van de popgroep Redbone uit 1973 draaide ik als 12-jarige grijs. Of de zangers nou Noord-Amerikaanse Indianen waren of als zodanig uitgedost, dat weet ik niet meer, maar het was een van de weinige Engelse liedjes die ik luidkeels meeblèrde: ‘We were all wounded at Wounded Knee, you and me…’  Dat de tekst ging over Indianen die afgeslacht werden door de blanken, begreep ik pas vele jaren later.

-          Ik maakte enthousiast cassetteopnames van Indiaanse PowWow-muziek en andere ceremoniële Indiaanse trommelmuziek; toch wel apart voor een 10-jarig kind, nu ik er zo over nadenk J

-          Gefascineerd keek ik naar Nederlandse doven en hun gebarentaal. Het Indiaanse teken voor ‘dag’ of ‘nacht’ zag ik ze niet maken. Lang zocht ik als puber naar een boek waarin stond hoe ik gebarentaal (opnieuw) kon leren. Ik wist ergens dat ik het al kon. Wist precies hoe ik het rondje moest vormen (zon/maan) met mijn duim en wijsvinger en de bijbehorende juiste handbeweging om een etmaal aan te geven.

-          Zomerschoenen, het liefst droeg ik leren ‘mocassins’ met franje en kraaltjes op de voorkant.

-          Ik las natuurlijk de hele serie van Karl May (Winnetou & Old Shatterhand) en kocht alle boeken van mijn zakgeld over Indianen en het Wilde Westen die ik maar kon vinden. Boeken met veel foto’s, want ik zocht de ‘oude plaatjes, zoals het er echt uitzag’.

-          Minder leuke spontane herinneringen probeerde ik zo snel mogelijk weg te stoppen als kind: beelden van opgejaagd worden door de blanken, bijeengedreven worden in een van de allereerste reservaten. De met pokkenvirus besmette dekens die de blanken royaal uitdeelden onder Indianen… en waaraan ik en anderen stierven (1860/1870?). Rillend van de koorts, in gevangenschap. Alles kwijt. Vrijheid, land, paarden, tipi’s. Beschamend voor een krijger om niet meer te kunnen jagen of vechten voor vrouw en kinderen…

 

       

 

Vanzelfsprekend dachten mijn ouders dat mijn interesse voor Noord-Amerikaanse Indianen en reservaten voortkwam uit het kijken naar cowboyfilms of het lezen van Karl May’s Winnetou. Maar ik wist niet beter dan dat ik ooit een Indiaan was geweest. Dankzij kijken naar films en lezen van boeken was het net alsof alles weer was zoals het hoorde te zijn.

Ik was blij om herkenning (oude foto’s in boeken) en verdrietig vanwege heimwee naar de tijd dat ‘ik nog vrij was en kon jagen’. Als ik een kudde bizons zag in een film, herinnerde ik me het donderende geraas van de kuddes, de vrolijkheid die hoorde bij de jaarlijkse jacht op vlees. Pijn deed het om naar cowboy/indianenfilms te kijken waarin de werkelijkheid niet klopte. Volgens mij deden sommige regisseurs en acteurs maar wat. Dan leek ‘t voor geen meter op ‘de tijd dat ik Indiaan was’. En al die blanken die speelden dat ze Indianen waren, dat vond ik als kind pas echt gemeen! ‘Alsof ons hele volk niet meer bestond…’

 

Mijn Indianen’hobby’ bereikte een hoogtepunt toen ik een jaar of 16 was. Ik correspondeerde met Noord-Amerikaanse Indianen die vastzaten in de gevangenis in de USA, zette me in voor Indiaanse belangenorganisaties, was lid van speciale pro-Indianen clubs in Nederland en daarbuiten, las de ‘Akwesasne Notes’ een krant die in reservaten door Indianen werd gemaakt, vertaalde oude speeches van chiefs in het Nederlands. Iedereen hoorde te weten ‘dat Moeder Aarde van iedereen was’. Al die vertalingen kwamen prima van pas voor mijn Engelse lessen op school. Ik had echter geen idee dat ik op onbewust niveau bezig was met een onaffe ‘strijd tegen de (blanke) Amerikanen’. Dankzij mijn Indianenfascinatie rondde ik af, wat ik als Indiaans krijger niet meer kon: waardig strijden voor mijn volk.

 

***

 

Al deze (jeugd)herinneringen kwamen boven bij het lezen van de roman ‘Zon in het Haar’ van Inge Bak. Haar vrouwelijke hoofdpersoon balanceert in het verhaal op een dunne scheidslijn tussen waanbeelden en echte ervaringen. De ene lezer zal haar verhaal interpreteren als fantasie, geplaatst tegen een Navajo-achtergrond. De andere lezer vist misschien uit de roman verwijzingen naar reïncarnatie en vorige levens. De auteur zelf laat ruimte voor eigen verklaringen, zoals het hoort bij een roman.

 

Hoe dan ook, mij leverde het zoveel jaar na dato een kijkje op in mijn jeugdherinneringen die bij een Indianenleven hoorden. Het vorige leven als Indiaans krijger heb ik nooit echt tot in detail bekeken. Ik weet de hoofdlijnen, dat is voldoende.

Mooie ervaringen uit dat leven heb ik ‘onthouden’, ze transformeerden als vanzelf tot hobby in mijn huidige leven. In jeugdjaren(*) worden er heel wat vorige levens automatisch gladgestreken door dromen, spel of hobby. Onaffe rafels, het onwaardig sterven door ziekte tijdens gevangenschap in een reservaat, ‘verwerkte’ ik door als puber alsnog ‘de strijd’ aan te gaan met ‘de blanken’. Vanuit Nederland ‘vocht’ ik (ditmaal via brieven en artikelen) voor mijn Indiaanse broeders in Amerika, al was het ruim een eeuw later. Net zolang, tot het genoeg was.

 

 

(*)

Een hobby van een kind kan gewoon een hobby zijn, vanzelfsprekend. Maar probeer eens verder te kijken dan dit ene leven van nu. Dan zie je miniatuur soldaatjes, cowboys, indianen en ridders aan je voorbijtrekken. Luister eens met een ander oor naar kinderen als ze fanatiek opgaan in hun (verkleed)spel. Je zult verbaasd zijn over wat ze zeggen of roepen. Plaats dat eens in een andere tijd…

En bij volwassenen: sommige hobby’s of verkleedpartijen zijn zo vreemd nog niet. Het is maar net aan welke personen, tijden of plaatsen iemand bijzonder goede herinneringen heeft. Zulke goede herinneringen, dat hij/zij zich graag uitdost ‘net als toen’. Zo krijgt een verkleedfeest als karnaval of een fantasyspel ineens een totaal andere lading. Kwestie van anders kijken naar fanatiekelingen in hun rol als zigeunerin, ridder, monnik, hoveling, soldaat etc… J

 

 

Marianne Notschaele-den Boer

RHA Publishing

 

 

Op de website van Inge Nicole Bak kunt u verder klikken naar haar algemene weblog en reikiweblog, vol met prachtige verhalen.

.

Terug naar beginpagina voor andere verhalen.

Naar informatie over boek met vorige levensverhalen

 

 

© RHA Publishing, augustus 2008