Een vorig leven van Ellen, uit de praktijk reïncarnatietherapie van Marianne Notschaele

Hogepriesteres in Egypte  © Uitgeverij RHA Publishing/RHA Reïncarnatietherapie

 

 

   

 

HOGEPRIESTERES IN EGYPTE

 

Ellen leerde ik privé beter kennen nádat ze een therapietraject bij mij afrondde. Sindsdien zien we elkaar regelmatig. Op een dag zond ze een mailtje over ervaringen tijdens haar opleiding tot Aura-Soma therapeute, met het verzoek of ik haar verslag wilde lezen omdat ik misschien ‘nog iets extra’s zou kunnen opvangen’. (Net zoals wanneer cliënten praten over hun problematiek en ik daarbij spontaan informatie of beelden opvang, gebeurt dat ook bij lezen van persoonlijke teksten. Dit kan informatie zijn over dit leven, maar ook over vorige levens.)

 

Haar verslag ging over wat ze leerde tijdens de therapieopleiding. Echter, bij ‘t lezen van wat ze had opgeschreven ontdekte ik dat veel zinnen óók sloegen op een ervaring in een vorig leven. De beelden die ik daarbij ‘opving’ waren niet geordend en fragmentarisch, maar wel zodanig dat ik haar woorden/zinnen in de juiste volgorde kon zetten (begin, midden en eind van gebeurtenissen in een ver verleden). Toen ik haar op een aantal zinnen wees, zoals:

 

-       Ik moet voorzichtig met oude wijsheid omgaan

-       Ik moet steeds horen wat ik allemaal in me heb

-       Ik ben me bewust van wat ik de medemens te bieden heb

-       Ik ben een altijd luisterend oor

-       Ik wil een zuiver onderscheidingsvermogen houden

-       Ik kom arrogant over omdat ik ‘weet’

-       Anderen vinden dat ik een koninklijke houding heb

 

werd ze nieuwsgierig naar ‘het verhaal achter het verhaal’.  Helemaal omdat ze altijd haar uiterste best doet benaderbaar te zijn voor cliënten in haar praktijk. Mensen die Ellen nog niet goed kennen vinden haar soms wat streng of afstandelijk overkomen. Zoals Ellen zei: “Ze zeggen dat ik een afstandelijke, koninklijke houding en uitstraling heb.”

 

Uitspraken in een nieuwe volgorde

De ongeveer vijftig uitspraken uit haar verslag leverde -in een nieuwe volgorde- onderstaand vorig leven op. Ellen ‘breide’ alle uitspraken -door mij in andere volgorde gezet-  aan elkaar tot een logisch verhaal: het leven van een hogepriesteres in het oude Egypte. Gebeurtenissen uit dat leven wierpen licht op haar keuze nu voor werken met kleuren/geuren (Aura Soma) én waarom een koninklijke houding haar soms nog parten speelt. (Cursieve zinnen hierboven, zijn ook cursief weergegeven hieronder in het oude verhaal)

Vanwege onze vriendschappelijke band was er geen sprake van (reïncarnatie)therapie, wel van informatie- en kennisuitwisseling. Ik liet het bij wat therapeutische tips en opmerkingen. Het ging voor Ellen meer om ‘weten’ en ‘inzicht’; en dat bleek precies datgene te zijn waar het in het oude Egypte ook om draaide…

 

 

“ARHA, Hogepriesteres in Egypte.

 

Heerlijk op dit uur van de dag waarop ik even geen verplichtingen heb, maar kan genieten van het uitzicht. Ik sta op mijn favoriete plekje even buiten de paleismuren en kijk uit over de olijfbomen aan de ene en de droge aarde aan de andere kant.

Prachtig zoals de rechte kanalen door het land zijn gemaakt om de aarde van water te voorzien. Heerlijk om te kijken hoe mijn eigen tuintje erbij staat. Mijn diverse kruiden groeien goed. Steeds verwonder ik mij, dat hier iets kan/wil groeien. Een gevoel van gelukzaligheid, zo mooi is het woestijngebied waar in de verte gewerkt wordt aan de bouw van de piramides.

 

Een warm briesje speelt met mijn lange donkerblonde haren en met de stof van mijn witte jurk die ik vandaag draag. Een lange eenvoudige jurk met om mijn middel een gele band van stof. Deze geeft mijn wijsheid aan. Goddelijke wijsheid ingegeven door de goden en goddelijke genezing die ik met mijn handen en kruiden mag geven, ze zijn mijn alles. Mijn Zielester ‘weet’ dat ik in staat ben anderen te helpen wanneer zij dat nodig hebben.

De wind streelt mijn blote armen. Om mijn bovenarm draag ik een gouden armband in de vorm van een cobra; wanneer mijn raad wordt gevraagd,draag ik anderen kleuren. In geval van genezing een lichtviolette jurk met in mijn haar de gouden band met een robijn in het midden. Bij formele aangelegenheden ben ik in het lichtblauw met aan mijn linkerhand de ring met scarabee (de steen is turkoois en de poten zijn van goud) welke het grootste deel van mijn middelvinger bedekt.

 

Op dit uur van de dag, wanneer de zon bijna loodrecht boven mij staat, ben ik in contact met het oneindige. Hier krijg ik mijn inzichten vanuit een hogere geest. Het geeft mij rust en tevredenheid.

Ik ben dan in staat mij te wijden aan mijn voorname taak, ik ben uitverkoren door de farao om zijn hogepriesteres te zijn. Samen, met andere hogepriesters en koninklijke personen aan het hof, overleggen we hoe verder te gaan met de bouw van de piramides.

Door mijn verbondenheid met de farao, hij is tenslotte mijn broer, stroomt ook door mij blauw bloed. Het geeft soms een gevoel van macht om hoog in aanzien te staan, maar ergens diep in mij leef ik mee met het gewone volk dat zo hard moet werken. In mij zit een strengheid, een hard zijn voor mijzelf omdat ik mij niet mag mengen in ‘gewone’ zaken, me niet mag bemoeien met het gewone volk. Daarom kom ik arrogant over, loop ik statig, rechtop met een koninklijke houding.

Ja, ik ‘weet’ en daar ben ik niet altijd blij mee, ik verberg me soms achter mijn houding. Dat een houding niet valt te verbergen is mij wel duidelijk, want juist hierdoor val ik op. Juist omdat ik mij niet tussen de gewone mensen mag voegen, creëer ik een afstandelijkheid die ik eigenlijk niet wil.

De paleisregels zijn streng en daaraan heb ik mij te houden, ook al zou ik anders willen. Ik wil met mijn ‘weten’ en mijn mogelijkheid tot ‘genezen’ iedereen helpen. Ik wil laten zien dat ik er ben voor iedereen die dat nodig heeft. Helaas mag dat niet, maar soms probeer ik te helpen als ik de kans krijg.

 

Binnen de muren van het paleis wordt het me niet in dank afgenomen dat ik zoveel op heb met het ‘gewone’ volk. Telkens moet ik horen hoeveel ik in me heb en dat ik dat moet gebruiken op de momenten dat het me gevraagd wordt.

Zelf besef ik dat ik voorzichtig met die oude wijsheid om moet gaan. Het is gevaarlijk om teveel wijsheid met anderen te delen, er zijn veel spionnen die op een verkeerde manier gebruik maken van mijn kennis. Het is jammer zo voorzichtig te moeten zijn want ik ben me er bewust van dat ik de medemens veel te bieden heb. Ik kan anderen helpen door heling, weten, zien. Genezing speelt een belangrijke rol. Weinig mensen binnen het paleis hebben de kennis van de planten en de kruiden die ik kweek, er is zoveel mogelijk om mee te genezen.

Graag laat ik medemensen meegenieten van kleuren, ik ‘weet’ hoe het kristal in de vorm van een driehoek alle kleuren in zich draagt. Ik ‘weet’ ook dat het de combinatie is van kristal en kleuren die mensen kan helen. Het geeft mij een goed gevoel dat ik kan/mag helpen om met deze kleuren in aanraking te komen.


Eindelijk heeft de farao ingezien dat ik met mijn ‘weten’ en ‘genezen’ ook buiten de paleismuren van belang kan zijn. Zijn onderdanen zijn gebaat bij een goede gezondheid, zo kunnen ze langer en beter werken.

Door me zo nu en dan terug te trekken in mijn vertrekken kan ik me beter concentreren. Ik vraag me dan af hoe ik anderen nog beter zou kunnen/mogen helpen. Door mezelf wat meer op de achtergrond te plaatsen en mezelf wat weg te cijferen vinden meer mensen de weg naar mij.

 

Zoals altijd is geweest, ben ik een luisterend oor; ik hoor meer dan een ander, vang meer op en kan zo helpen waar nodig. Vaak zie ik dingen die anderen ontgaan, dat sla ik op in mezelf en gebruik het pas als de tijd er klaar voor is. Graag luister ik naar wat een ieder te vertellen heeft, zonder een oordeel te hebben. Ik wil een zuiver onderscheidingsvermogen houden, zodat ik op de juiste manier kan/mag helpen.

Wanneer men bij me komt ga ik totaal op in die persoon. Wat me opvalt, is dat men steeds vaker een beeld wil hebben over de toekomst. Kwamen ze eerst voor genezing, nu wil men alles weten over mijn kleuren die ik uit het kristal haal. Ik merk dat ik kan adviseren met welke kleur men zich beter kan omringen.

Dat men niet ziet dat de piramides ook al deze kleuren met zich mee dragen. De weerkaatsing van de zon op de wanden geeft een scala aan kleuren, ze hebben mij niet nodig, maar dat ‘zien’ ze niet.

 

Telkens weeg ik voor en nadeel tegen elkaar af en zie van alle kanten hoe iets goed of fout kan gaan. Het kost me erg veel moeite om een keuze te maken. Mag ik vertellen waarom de piramides deze vorm krijgen, beseffen de mensen wel waar ze aan bouwen?

Voorzichtig, voorzichtig, krijg ik te horen, pas op met wat je wil/gaat vertellen. Jij weet het geheim van kleuren, laat mensen delen in de mooie kleuren, maar bewaar het geheim. Koester het binnenin jezelf.

 

Luchtfoto van de piramides

 

Op dit moment ben ik niet zeker wat ik kan, is het echt zoals men al zo vaak heeft gezegd. Ik ‘weet’ wat de goden mij ingeven maar er is meer en daar twijfel ik aan. Ik wil geen oordeel vellen, zeker niet als ik ingevingen krijg van ‘boven’. De goden zijn er altijd geweest en weten meer dan ik. Ik ben hun kanaal naar buiten toe, ik ben ‘uitverkoren’.

Ik ‘weet’ dat de tijd is gekomen om meer over kleuren te vertellen, dat het geheim van de kleuren naar buiten moet. Het is beter voor iedereen.

 

Gisteren heb ik mijn broer gesproken, het was geen gemakkelijk gesprek maar hij staat achter mijn keuze. Ik offer mezelf op, door weg te gaan uit het paleis en de vertrouwde omgeving waar ik zo lang deel van heb uitgemaakt achter me te laten. Mijn besluit staat vast. Ieder moet in aanraking kunnen/mogen komen met de ‘gave’ in mij. Mijn broer heeft opdracht gegeven een goed onderkomen voor mij te vinden even buiten de stad, maar niet zover dat niemand mij kan vinden.

 

Vandaag is het zover.

Ik ben teruggetreden als priesteres. Mijn spullen zijn in kisten gepakt en zullen door dragers naar mijn nieuwe verblijf worden gebracht. Het afscheid van mijn broer valt me zwaar, weg uit een beschermde omgeving, weg van alles wat me lief is. Ik moet verder, ik wil mensen buiten helpen. Daarvoor ben ik hier.

De tocht verloopt goed, het is rustig op de weg. Mijn huisje is eenvoudig ingericht en voldoet aan alles om mijn verblijf aangenaam te maken. Het uitzicht is mooi maar niet zo uitgestrekt als bij het paleis.

 

De vertrouwenspersoon van mijn broer en een paar hulpjes zijn terug naar het paleis. Twijfel komt boven, heb ik er goed aan gedaan om mijn hart te volgen, zullen de goden mij blijven helpen? Het antwoord volgt onmiddellijk, het is goed wordt er gezegd, het volk zal je vinden, je zult genoegdoening krijgen van je vertrek. Je hart volgen is het beste wat je kunt doen, het geeft je vertrouwen en maakt je blij.

 

Na enkele dagen begin ik ook hier een tuintje aan te leggen met verschillende kruiden. Het heeft tijd nodig om te groeien en tijd is er volop, zeker nu ik van de vele verplichtingen af ben. De mensen uit de stad hebben de weg naar mij gevonden, ze hebben mij herkend aan mijn houding. Een houding is haast niet te veranderen, ik loop nog steeds rechtop met opgeheven hoofd.

 

Het is heerlijk dat ik kan helpen met genezen en kan/mag vertellen welke kleuren het beste bij een persoon passen. Heerlijk dat mensen vertrouwen in me hebben en blijven komen. Waren ze eerst wat voorzichtig, nu komen ze ook om een praatje te maken.

Ik ‘weet’ dat het echte geheim nooit verteld mag worden, wel dat ik de mensen mag helpen met de kleuren die uit de kristallen komen, vermengd met olie en geurig gemaakt door kruiden en bloemen.

Het is goed zoals het is. Mijn hart volgen is het beste wat me is overkomen, mensen helpen dat is wat ik goed kan.

 

Ik begin oud te worden. Hoeveel jaren woon ik hier al? Ik kan het me niet herinneren.

Het wordt steeds lastiger mijn tuintje te verzorgen, mijn ogen worden minder en mijn rug laat me ook in de steek. Een meisje (Irnah) uit de stad helpt me mijn tuintje verzorgen, ze is handig en leert hoe de kruiden op de juiste manier te verzorgen.

De mensen blijven komen, maar soms ben ik te moe om ze te ontvangen. Het kost me steeds meer moeite.

 

Ik ‘weet’ dat ik morgen niet meer wakker zal worden.

De goden hebben me al die jaren geholpen. Hoeveel mensen heb ik niet mogen/kunnen helpen? Het is een prachtige tijd geweest waarvan ik nooit spijt heb gehad.

Ik sluit mijn ogen, ik ben zo moe.

Het is donker om mij heen. Ik voel mijn lichaam zwaar worden en vervolgens voel ik mij heel licht worden, mijn hartslag gaat steeds trager en uiteindelijk stopt het kloppen. Dan wordt het steeds lichter om mij heen, ik hoor prachtige muziek en voel mij loskomen, opgetild en meegenomen naar een plaats waar vele goden op mij wachten.

Ik voel me vrij en kijk naar de piramides, ik zie de olijfbomen en mijn tuintje.

Wat een prachtig landschap.

 

De volgende dag wordt ik gevonden door Irnah. Zij verzorgt mijn lichaam en regelt dat ik word begraven.

De cirkel is rond.”

 

 

Als dank voor mijn ‘weten’ (wat ik opving) aan de hand van Ellens persoonlijke tekst uit het heden, mocht ik haar verhaal (‘kennis’) over het verleden te gebruiken voor deze website. Zo is oude kennis voor iedereen beschikbaar en toegankelijk…;)

 

 

Met dank aan Ellen voor haar bijdrage.

 Informatie over Ellen en haar praktijk Aura Soma: EPTAH

 

 

 

VERDER LEZEN OVER VORIGE LEVENS VAN PRIESTERESSEN IN HET OUDE EGYPTE?

 

Een ander verhaal op deze website over een priesteres in Soemerie

 

 

In mijn boek Waarom Esther geen Robinson werd:

-           een vorig leven van Hannah: ‘Vroege kruiden- en aromatherapie’ over uittredingen en paranormale gaven in oud-Egypte

-           een vorig leven van Elisabeth: ‘Dodelijke energieopleiding’ over werken met energie in oud-Egypte

 

 

In mijn boek Diehards in de war:

-           een vorig leven van Mirjam: 2e deel van het verhaal ‘Boeien(d)’ over paranormale begaafdheid en piramides in oud-Egypte

-           een vorig leven van Ellen: deel van het verhaal ‘Ondergedoken’ over een mislukte inwijding in oud-Egypte

 

   

Joan Grant: Gevleugelde Pharao/Winged Pharaoh.

(2e hands nog verkrijgbaar in ’t Nederlands bij www.bol.com) en Winged Pharaoh 2e hands in ’t Engels bij www.amazon.com).

Voor informatie over het leven en ’t werk van Joan Grant: www.joangrant.net

Joan Grant beschreef in romanvorm een aantal van haar vorige levens. De bekendste is dat van Egyptische priesteres/farao. Ze schreef dit 1937. Toch is het niet storend de wat oudere versie (qua taal en woordgebruik) te lezen. Juist de gedragen, plechtige sfeer sluit prachtig aan bij het hofleven en priesteressentraining. Verrassend moderne, spirituele inzichten uit een ver verleden.

Joan kwam er pas jaren later voor uit, nadat haar boek een groot succes werd, dat het een van haar eigen vorige levens betrof.

 

       

Elisabeth Haich: Inwijding/Initiation (2e hands via www.bol.com en vaak nog te koop in New Age winkels omdat het als standaardwerk wordt beschouwd binnen de esoterische wereld)

 

 

Egyptian Mysteries, an account of an initiation; er moet een Nederlandse uitgave van zijn uit 1981: Egyptische Mysterien, verslag van een inwijding (uitgeverij Schors) – vertaling van geschriften uit de 4e eeuw na chr. over een geheime inwijding in een piramide.

 

  

The Pillar of Isis, a practical manual on the mysteries of the goddess, Vivienne O’Regan (aandacht voor uitleg en droomduiding).

 

 

 

© Marianne Notschaele-den Boer

RHA Publishing

 

Terug naar beginpagina: verhalen/boeken over vorige levens en informatie over consulten vorige levens en reïncarnatietherapie

_______________________________________________________________________________________________________

 

© RHA Publishing, juni 2009