Uit de praktijk reïncarnatietherapie van Marianne Notschaele © Uitgeverij RHA Reïncarnatietherapie

Over Franse ridders en kastelen

 

 

Diverse kastelen uit de Franse Loirestreek

 

 

OVER FRANSE RIDDERS EN KASTELEN

 

De zomervakantie is weer voorbij. Jammer, maar helaas …J In juli/augustus (2008) was ik met vakantie in het Loiregebied in Frankrijk, een streek net onder Parijs, waar je in bijna elk dorp of stadje struikelt over kleine, middelgrote of grote ‘chateaux’. Van vroeg-Middeleeuwse plompe verdedigingswerken tot fraai versierde, laat-Renaissance gebouwen.

Het hotel waar ik met mijn man logeerde was gevestigd in een schattig gerenoveerd kasteeltje dat middenin een prachtig natuurgebied lag. Golfbaan erom heen, mooi zwembad met ligbedden erbij. Het was er heerlijk rustig, zonnig en warm. Eindelijk twee weken niets doen en bijkomen, beetje lezen en ’s avonds lekker uit eten.

 

Vakantie-uitzicht vanaf mijn ligbedje...J

 

 

Kastelen vind ik best interessant, zolang ik er maar niet in hoef te slapen. En dan bedoel ik niet vanwege de muffe open-haard-lucht of eventueel rondhopsende vlooien in oude slaapkamers met bedompte hemelbedden. Ik reageer nogal sterk op oude gebouwen of historische plekken waar ‘restenergie hangt’. Lang niet altijd voelbaar voor anderen, maar wel lastig als je -zoals ik- ‘dingen opvangt’. Of dat nu beelden, gedachten, emoties of gevoelens zijn. Wanneer ik op vakantie ben heb ik geen zin in teveel oude energie-indrukken. Na een jaar therapieconsulten geven wil ik graag twee weken vrij en rust hebben op energetisch gebied.

Onze hotelkamer bevond zich deze zomervakantie gelukkig in een nieuwe bijbouw van het kasteel. Ik kon daarom heerlijk ongestoord slapen. Hoe nieuwer een gebouw, hoe minder ‘oude energie’ aanwezig.

 

***

Bij prettige plekken is het vanzelfsprekend aardig ‘iets op te vangen’, maar ik heb beduidend minder leuke ervaringen bij bezoeken aan oorlogskerkhoven in Normandië en concentratiekampbarakken in Auschwitz/Birkenau in Polen. Op zulke plaatsen is veel oude energie aanwezig, al dan niet in de vorm van entiteiten (=energie van overledenen), en op vakantie denk ik er niet altijd aan me energetisch af te sluiten; voor ik het weet zit ik dan met oude informatie opgescheept.

 

Zo had ik in 2005 een prachtvakantie in Japan, maar ondervond hinder van energie van overledenen in Nagasaki en Hiroshima. Tijdens een vliegvakantie in 2003 naar Portugal had ik op vliegveld Faro last van de vliegramp die daar jaren geleden gebeurde. Een slachtoffer van de brand van toen, nu in de vorm van entiteit, deed verwoede pogingen met mij in contact te komen, iets waar ik op dat moment geen zin in had. Ik had vakantie!

 

Voordat ik door had dat ik gevoelig was voor oude energie, had ik van de meest rare dingen last. Een voorbeeldje. Het Rubenshuis in Antwerpen, België; een prachtig middeleeuws huis waar ooit de schilder Rubens woonde. Indrukwekkend interieur. Mooie schilderijen. Maar acute extreme misselijkheid in één van de vertrekken waarin een authentiek hemelbed stond. Zulke akelige energie hing er rondom het bed, dat ik zo snel mogelijk weer naar buiten wilde, weg uit het gebouw, voordat ik echt moest overgeven van wat ik ‘zag’ of beter van wat ik ‘voelde en zag’ aan oude informatie.

 

Ander voorbeeldje. Vakantie in 2001 in de Dordogne in Frankrijk. Mooie streek, prachtig weer. Romantische overnachting in een middeleeuws kasteel. Daar kreeg ik me toch een nachtmerrie over brandende gangen en mensen in doodsnood. De ochtend daaropvolgend hoorde ik pas dat het deel van het kasteel waar de hotelkamers waren ondergebracht, in 1520 was afgebrand. Personeel dat toen in kleine zolderkamertjes huisde kon niet meer vluchten en stikte in de rook of verbrandde. Er vielen veel slachtoffers. Lekker hoor, als je dat een paar honderd jaar later in je dromen nog eens opnieuw beleeft.

 

Maar deze zomervakantie niets aan de hand. Uitrusten overdag en prima slapen ’s nachts. Onze rust werd hoogstens ‘verstoord’ door overspringende konijnen en eekhoorntjes. Ik zag patrijzen, ganzen, zwanen, zelfs een slang en een bever. ’s Avonds kwamen wilde reeën uit de struiken tevoorschijn, overdag verbaasde ik me over een wegspringend everzwijntje. ‘Un sanglier’! Toch nog wat opgestoken van de Franse stripboeken van ‘Astérix & Obélix’, waarin Obelix voortdurend op zoek is naar everzwijnen om op te eten.

Ik dook ditmaal niet in het verleden, ik hield me niet bezig met oude energie. Grappig genoeg anderen wel… J

 

***

Mijn man verzuchtte bij een toeristisch uitstapje aan een van de vele Loire-kastelen: ‘Volgens mij moet ik toch echt in deze streek gewoond hebben vroeger. Het voelt zo vertrouwd allemaal.’ Mijn mond viel open van verbazing; als er iemand is die niets van vorige levens moet hebben, is hij het wel.

Een receptionist van het hotel begon spontaan over het kasteelspook: ‘Notre fantôme’.

Ik ving een gesprek op tussen twee Engelse toeristen over het kasteel van Langeais: ‘This must be something out of a past life!’

En op een dag, relaxend in ‘mijn’ vakantiekasteeltuin -met een geleend boek van Mark- dacht ik, goh, hoe zou het met hem zijn? Blieb-blieb-blieb deed mijn mobieltje onmiddellijk. Een sms-je… van Mark! Grappig, want a) hij sms-t nooit, b) ik dacht net aan hem en c) de sms kwam uit Frankrijk. Ook hij was met vakantie, kamperen met vrouw en kinderen. Zijn sms-je luidde: ‘Ben in Carcassonne. Heb nieuws over een v.l.-etje. Hoor je nog wel.’ (Een ‘v.l.etje’ is een afkorting die ik gebruik in e-mails voor ‘een vorig leven’.)  

 

Op mijn ligbedje in de kasteeltuin dacht ik terug aan een zomervakantie in de jaren tachtig 1980 toen mijn man en ik een huisje huurden in een piepklein gehucht ten zuiden van Carcassonne. Wijngaarden en wijnkelders hadden meer onze interesse dan de oude stad met zijn vestingmuren. Carcassonne sloegen we over… we hadden absoluut geen zin om daarheen te gaan.

Ik mijmerde over cliënten die me de afgelopen jaren vertelden over voorgaande levens in Zuid-Frankrijk als kruisridder of Kathaar (zie ’t verhaal ‘Moeilijke schoonmoeder’) en over mijn roman 'Boodschappenmeisje' , waarin ik vele vorige levens verwerkte. Zo ook eentje van Charlotte, een ‘spiritueel boodschappenmeisje’ dat een leven had gehad als wachter op een burcht in het gebied rond Carcassonne. Het bericht dat ze als wachter aan een hertog moest brengen liep verkeerd af. ‘Kill the messenger’, in plaats van ‘don’t kill the messenger’…

 

© Uit: Roman ‘Boodschappenmeisje’:

 

 

“Franse middeleeuwen, Katharengebied.

Een leven als man in dienst van de hertog. Wachter op een van de vier torens van een grote burcht. Een rustig en makkelijk baantje. Beetje wacht lopen, veel dobbelen en flink zuipen. Er gebeurt toch nooit wat.

Totdat de burcht belegerd wordt. Ineens moet echt wacht gelo­pen worden.

 

De belegering duurt en duurt, maar het dagelijkse leven gaat verder. Via een geheim gangenstelsel onder de burcht onderhoudt de hertog contacten met de kerkelijke orde. Af en toe komt een kardinaal of bisschop over de vloer met aanhang. Soms maakt de wachter een praatje met een kerkelijke afgezant over de duivelse ketters die beneden aan de voet van de berg wachten... en wachten. Waarop? Er ge­beurt toch niks.

 

Op een avond staat hij op wacht. Vanaf zijn overzichtspositie op de toren ziet hij beneden in de verte plotseling brandende vuren en bewegende fakkels. De vijand komt dichterbij! Fakkels beginnen hun klim omhoog, richting burcht. Die lui zullen het toch niet in hun kop halen werkelijk aan te vallen? Gevaar! De tegenpartij zet de aanval in!

In paniek holt hij van de toren, vergeet andere wachters te waarschuwen en rent naar de troon­zaal. Stormt binnen en valt midden in een geheime bespreking tussen de Franse hertog en de Spaanse bisschop. Verbaasde gezichten alom. Met overslaande stem gilt hij: ‘Ze vallen aan, ze vallen echt aan! We moeten vluchten. Iedereen naar de geheime gangen!’

 

In plaats van een warm onthaal krijgt de wachter te maken met een enorm gepikeerde hertog, omdat gestoord wordt tijdens geheim overleg. Met de bisschop nota bene! In reflex grijpt de hertog de lans van een van zijn pages en plaatst deze met krachtige beweging recht in het hart van de wachter. Roept: ‘Niemand van buiten waagt MIJ hier te vertellen wat beneden gaande is!’

Strompelend en bloedend probeert de wachter de deur naar de geheime gang te bereiken, maar de lange lans zit in de weg. Ter plekke bloedt hij dood.”

 

 

      

Carcassonne & kruisridders

 

 

Ik verbaas me niet meer over ‘déjà vu’s’ tijdens vakanties. Na iedere zomervakantie krijg ik wel iemand voor een consult om uit te zoeken waarom bepaalde landen, streken of plaatsen zoveel indruk maakten of specifieke emoties opriepen. Het is niet toevallig dat mensen naar bepaalde steden, landen of historische plekken willen. Onverklaarbare ‘heimwee’ naar waar ze (dit leven) nog nooit geweest zijn. Of omgekeerd, dat mensen echt niet naar een land op vakantie willen, ook al begrijpen ze niet waar hun afkeer vandaan komt. ’t Lijkt op niets gebaseerd, maar als je ooit ergens een rotleven had is het logisch dat de behoefte niet zo groot is om nog eens terug te gaan… (was het daarom dat ik zelf met een grote boog om Carcassonne heenreed?)

 

Tijdens een weekendje Parijs, toen ik 18 jaar was, kwam ik voor het eerst terecht in de Joodse wijk ‘Le Marais’. Daar rondlopend liepen de tranen over mijn wangen. Zoveel herkenning, zoveel ‘ik ben weer thuis’-gevoel. Raar, maar waar, ik wist precies waar de bakker en slager hadden gezeten, op welke plek het parkje was. Er was sinds 1943 niet eens zo heel veel veranderd… Ik heb zeker tien minuten stilgestaan voor een oud winkeltje waarvan de ramen half dichtgetimmerd waren. De reclame-muurschilderingen van de kleermaker uit de jaren dertig waren vervaagd, maar nog zo vertrouwd…

 

Ook vriend Mark is gevoelig voor spontane indrukken met historische informatie. Bij terugkomst in Nederland las ik zijn mailtje over zijn bezoek aan het oude stadshart van Carcassonne:

 

“Bij het betreden van de citadel kreeg ik een gedachteflits: Hè, hè, we zijn binnen!... Enige tijd later, toen ik in de kerk kwam, was het alsof ik knielde voor het altaar. Mijn witte tenue met rood kruis drapeert over de vloer, mijn zwaard steekt naar achteren. Ik zie de marmeren plaat waarop de gelofte van nederigheid werd afgelegd. Ik kijk naar de afbeeldingen in de gebrandschilderde ramen.

De gedachte komt op ‘Mensen die hier wonen zijn geen ketters, ze geloven net als ik in Christus. Wat hebben we gedaan, we hebben iets moois kapot gemaakt!’. Ik voelde me misleid uit naam van Christus.”

 

Mark is van plan om de beelden en gevoelens die hij daar ter plekke ervoer, nader uit te werken. Dat wordt vast een spannend ridderverhaal. Hij zal het binnenkort wel op zijn website zetten.

 

Wie zegt dat geschiedenis saai is?

 

 

 

Marianne Notschaele-den Boer

RHA Publishing

 

 

Met dank aan Mark voor zijn bijdrage. (*) Mark is synoniem voor Marcel. Zijn website vindt u hier: hier

Terug naar beginpagina voor andere verhalen.

 

Leestip: 'Waarom Esther geen Robinson werd' van Marianne Notschaele - meer dan 30 vorige levensverhalen uit de praktijk.

 

 

Leestip: ‘The Cathars and Reincarnation’ van Arthur Guirdham – ISBN 0-8356-0506-X  1978 USA.

The record of a past life in 13th century France. Over groepsreïncarnatie en Katharen.

 

                                                                       

Leestip: ‘Het verloren labyrint’ van Kate Mosse – ISBN 90-269-8361-1 2005 Unieboek NL.

Roman over archeologe Alice in 2005 en Alaïs in 1209. Plaats van handeling: de heuvels van Carcassonne. Geschiedkundig goed uitgewerkt (kruistocht tegen de Katharen in 1209) en vanuit reïncarnatietherapie-oogpunt  interessante overeenkomsten…J

 

 

                                       

© RHA Publishing, september 2008